
Het koppelen van de Hollandse kropper
De afgelopen maanden heb je uit je duiven, die duiven geselecteerd
welke in jouw ogen deze zomer het beste resultaat zouden kunnen
opleveren.
Als je de natuur in het hok zijn gang laat gaan, zal de voorkeur
van de duiven niet altijd jouw voorkeur zijn. Je moet dus de natuur een
handje helpen. Eigenlijk niets makkelijker dan dat.
Eind februari, begin maart zet ik mijn doffers in de nestkasten, voorzien van hun natje en hun droogje. Ik laat ze wennen aan deze toch wel kleine omgeving en probeer rekening te houden waar de oude doffers het vorige jaar gezeten hebben. Dit voorkomt, als de stelletjes weer rondvliegen, veel onrust in het hok.
Het nadeel van deze kleine behuizing is dat de duiven er, ondanks
regelmatig schoonmaken,
niet schoner op worden.

Na een gewenningsperiode van een dag of 3 mag de door mij uitgezochte duivin erbij. Ik blijf de eerste paar uurtjes wel in de buurt van het hok, want niet altijd is het liefde op het eerste gezicht en kan behoorlijk schade aangericht worden aan de duivin.
Vaak loopt het goed af en zie je de doffers al behoorlijk
onderdanig liggen klapperen. Gaat het niet, dan plaats ik de beide
duiven in een trainingskooi. Elk in een ander gedeelte. Hier kunnen ze
goed aan elkaar wennen. Vaak zie je dan de onbenulligheid van de, vaak
jonge, doffer afnemen en beginnen ze toch wel wat voor elkaar te voelen.
Hierna kunnen ze weer terug in hun nestkast.

Zo zitten ze ongeveer 3 dagen bij elkaar.

Na deze dagen gaan de kleppen open en kunnen de voorkeursplaatsen
door de duiven verworven worden.
Nu is het afwachten of alle verwachtingen die ik heb uit komen!
Jan
Weierink
^
naar boven ^
